bijbelstudie.net - http://www.bijbelstudie.net/bijbelstudie
De misleiding van onafhankelijkheid
http://www.bijbelstudie.net/bijbelstudie/articles/19165/1/De-misleiding-van-onafhankelijkheid/Page1.html
derek prince onderwijsbrieven
authorpic Derek Prince was hoogleraar filosofie aan een vooraanstaande universiteit in Engeland, toen de Heer zich op een dag aan Hem openbaarde. Vanaf dat moment heeft hij zijn leven gewijd aan het bestuderen van de bijbel en het onderwijzen hieruit aan anderen.

Verschijning van de onderwijsbrief van Derek Prince Minestries: 4 x per jaar. Informatie: e-mail: info@nl.derekprince.com / website: http://www.dpmnederland.nl  
door derek prince onderwijsbrieven
gepubliceerd op 8/01/2009
 
Wat was de adder onder het gras waar Adam en Eva aan ten prooi vielen? Het was de belofte van onafhankelijkheid. Als je eenmaal kennis hebt van goed en kwaad, ben je vrij om je eigen beslissingen te nemen. Je bent dan niet langer afhankelijk van God. Dit aanmatigende verlangen naar onafhankelijkheid is als een erfenis doorgegeven aan het hele menselijke ras, dat uit Adam en Eva voortkwam. Het is het onderscheidende kenmerk van de "oude Adam" - de gevallen, zondige natuur die sluimert in ieder van ons.

"…dat gij als God zult zijn, kennende goed en kwaad." (1)
Dit klinkt als een lovenswaardig en prachtig ideaal – te willen zijn als God. Wat kan daar nu mis mee zi jn? Maar uit de mond v an satan - die zich manifesteerde in de gedaante van een slang – was het een misleiding die eindigde in een ramp voor Adam en Eva, met bittere gevolgen voor al hun nakomelingen.

Wat was de adder onder het gras waar Adam en Eva aan ten prooi vielen? Het was de beweegreden - niet uitgesproken, maar onder de oppervlakte aanwezig - de belofte van onafhankelijkheid. Als je eenmaal kennis hebt van goed en kwaad, ben je vrij om je eigen beslissingen te nemen. Je bent dan niet langer afhankelijk van God. Dit aanmatigende verlangen naar onafhankelijkheid is als een erfenis doorgegeven aan het hele menselijke ras, dat uit Adam en Eva voortkwam. Het is het onderscheidende kenmerk van de "oude Adam" - de gevallen, zondige natuur die sluimert in ieder van ons.

Verschillende wegen naar onafhankelijkheid
In de geschiedenis zien we dat de mensheid verschillende wegen heeft gevolgd op zoek naar onafhankelijkheid van God. De eerste is kennis. In de hof van Eden stonden twee bijzondere bomen - de boom des levens en de boom van kennis. Toen Adam en Eva zich afkeerden van de boom des levens en kozen voor de boom van kennis, was dat een breekpunt in de geschiedenis. Vanaf dat moment is het vergaren van kennis één van de belangrijkste doelen geworden van de mensheid. De laatste twee, drie eeuwen zien we dit terug in een steeds groter wordende nadruk op wetenschap en technologie. (Het Engelse woord voor wetenschap, ‘science', is afgeleid van het Latijnse ‘scientia', wat ‘kennis' betekent.) Deze explosie van wetenschap heeft echter niet de meest basale problemen van de mensheid opgelost: onrechtvaardigheid, wreedheid, oorlog, armoede, ziekte. In zekere zin heeft ze deze problemen zelfs verergerd. De wetenschap heeft de mens voorzien van massa-vernietigingswapens die het hele menselijke ras kunnen wegvagen en de aarde in een oogwenk kunnen veranderen in een woestenij. Sommige van dit soort wapens zijn zelfs in handen van wrede en slechte mensen, die niet gehinderd door gevoelens van genade of ethiek, in staat zijn die wapens te gebruiken.

Een tweede weg die de mensheid heeft ingeslagen vanuit haar verlangen naar onafhankelijkheid van God, lijkt op het eerste gezicht misschien wat verrassend. Het is religie. Op vele verschillende manieren hebben mensen religieuze wetten en systemen van aanbidding opgezet, die zó compleet zijn en in alles voorzien, dat God zelf verder niet meer nodig is. Al wat de mens hoeft te doen, is zich houden aan de regels. Dit geldt voor de manier waarop verschillende wereldreligies gepraktiseerd worden - zoals het judaïsme, de islam, het boeddhisme en zelfs bepaalde vormen van het christendom. In al deze religies kunnen mensen zo tevreden zijn met hun wetten en protocollen, dat ze onafhankelijk worden van God Zélf. Dit verklaart waarom veel serieuze, religieuze mensen de grootste moeite hebben met het aanvaarden van de genade die het evangelie aanbiedt, een genade die niet verdiend kan worden.

Nog een andere manier waarop mensen onafhankelijkheid van God proberen te bereiken, is door veel geld en bezittingen te vergaren. Jezus vertelde de gelijkenis van een rijke boer, wie het zo voor de wind ging, dat hij geen schuren meer had om zijn oogst in op te slaan. Hij besloot nog grotere voorraadschuren te bouwen en dan zou hij tot zijn ziel zeggen: ,,Ziel, gij hebt vele goederen liggen, opgetast voor vele jaren, houd rust, eet, drink en wees vrolijk.'' Maar God zeide tot hem: ,,Gij dwaas, in deze nacht wordt uw ziel van u afgeëist en wat gij gereedgemaakt hebt, voor wie zal het zijn?''(2) In de wereldgeschiedenis zijn ontelbare mensen misleid door dit verlangen naar onafhankelijkheid en daardoor gevallen in dezelfde tragische fout. En dit overkomt tot op de dag van vandaag nog steeds talloze mensen.

De hang naar onafhankelijkheid van God is de karakteristieke eigenschap van allen behoren tot het koninkrijk van satan - opstandige engelen, demonen, de gevallen mensheid. Het is ook hét kenmerk van de ‘wereld', afgaand op het onderscheid dat Jezus maakte ten aanzien van zijn discipelen: "Zij zijn niet uit de wereld, gelijk Ik niet uit de wereld ben."(3) In deze zin bestaat 'de wereld' uit alle mensen die zich nooit onderworpen hebben aan het gezag van de Koning die God heeft aangesteld - de Heer Jezus Christus. Sommigen van hen zijn ethische, religieuze mensen, maar als ze worden uitgedaagd om zich naar Gods eis volledig te onderwerpen aan de heerschappij van Jezus, komt de onafhankelijke ‘oude mens' naar boven en verwerpen zij Gods aanbod van redding die alleen door genade komt.

De eenzame, verlaten mensheid
De hang naar onafhankelijkheid van God scheidt de mens van Gods andere schepselen, die zonder uitzondering leven in een vanzelfsprekende, volledige afhankelijkheid van hun Schepper.

Geen enkel hemellichaam toont ook maar enig verlangen naar onafhankelijkheid. ,,Hij heeft de maan gemaakt voor de seizoenen, de zon weet wanneer zij onder moet gaan'' (4-KJV). De sterren antwoorden wanneer God hun naam roept. ,,Hij bepaalt het getal der sterren, Hij roept ze alle bij name''(5).

Het maakt niet uit hoe de elementen af en toe te keer gaan, ze gehoorzamen altijd hun Schepper - ,,vuur en hagel, sneeuw en nevel, gij stormwind, die zijn woord volbrengt''(6). Ditzelfde geldt voor de dierenwereld. ,,De jonge leeuwen brullen om roof en begeren hun spijze van God''(7). ,,Daar is de zee, groot en wijd uitgestrekt, waarin gewemel is, zonder tal, kleine zowel als grote dieren ... Zij alle wachten op U, dat Gij hun spijze geeft te rechter tijd''(8). Over de vogels zegt Jezus: ,,Uw hemelse Vader voedt ze''(9).

Geen wonder dat de opstandige mens zich van tijd tot tijd eenzaam en vervreemd voelt van het universum om hem heen, waarin alle andere schepselen samenleven in onbetwiste afhankelijkheid van hun Schepper.

De weg terug naar afhankelijkheid
Aan het kruis voorzag Jezus in een tweeledige oplossing voor onze gevallen staat. Ten eerste onderging Hij in onze plaats de straf voor onze zonden, waardoor God onze zonden kon vergeven zonder af te doen aan Zijn rechtvaardigheid. Ten tweede vereenzelvigde Jezus Zich met de onafhankelijke, egoïstische 'ik', die onze gevallen natuur beheerst. In Jezus werd deze opstandeling ter dood gebracht. ,,Onze oude mens (de rebel) is medegekruisigd''(10). Om discipelen van Jezus te worden, moeten we deze tweeledige voorziening gebruiken. Allereerst moeten we ons ervan verzekeren dat - door bekering en geloof - al onze zonden zijn vergeven. Ten tweede moeten we ja zeggen tegen het doodvonnis dat is uitgesproken over ons rebellerende, onafhankelijke ego.

Dit zijn de voorwaarden die Jezus stelt aan discipelschap:

,,Zo zal dus niemand van u, die niet afstand doet van al wat hij heeft, mijn discipel kunnen zijn''(11). Het woord dat vertaald is met ‘afstand doen van' kan ook vertaald worden met ‘afscheid nemen van'. Een discipel worden van Jezus betekent afscheid nemen van alles waar we normaal gesproken ons vertrouwen op zouden stellen: familie, vrienden, geld, carrière, eer van mensen of status. Pas als we echt afstand hebben gedaan van deze dingen, dan kan God de dingen aan ons teruggeven die passen in Zijn plan met ons leven. Maar we zijn niet langer eigenaars; we zijn slechts rentmeesters, van wie rekenschap wordt gevraagd over het gebruik van de dingen die Hij ons geeft. Onze afhankelijkheid is uitsluitend van God.

Soms is er een crisis voor nodig - of zelfs een ramp - om ons te brengen op de plaats van totale afhankelijkheid van God. Ik denk aan de reis van Paulus naar Rome, die beschreven staat in Handelingen 27. God wilde Paulus op een bijzondere manier gebruiken in Rome, de hoofdstad van het Romeinse Rijk. Als ‘de apostel voor de heidenen' was hij van unieke betekenis voor de gemeente daar. Maar Paulus ging op reis als een gevangene in ketenen. Het schip waarmee hij de reis maakte kwam in zo'n zware storm terecht dat de opvarenden twee weken lang overdag geen zon en 's nachts geen sterren zagen. Uiteindelijk leden ze schipbreuk op de ruige kust van Malta. Daar - of het allemaal nog niet erg genoeg was geweest - werd Paulus gebeten door een giftige slang! Als God wilde dat Paulus naar Rome ging, waarom onderging hij dan zulke enorme beproevingen op zijn reis daarheen? Toen ik hierover nadacht, herinnerde ik me een zinnetje uit Handelingen 27:20:

,,alle hoop op redding werd ons benomen.''

Dat was het doel van Paulus' beproevingen: hij moest komen op het punt dat alle hoop was opgegeven. Paulus kon nu alleen nog maar hopen op God. Toen ontdekte hij door eigen ervaring dat God voorziet in alles wat nodig is. Hij brengt ons op het punt van volledige afhankelijkheid van Hem, om ons te laten zien dat we Hem volledig kunnen vertrouwen. Toen Paulus op dit punt van totale afhankelijkheid was gekomen, was hij klaar voor zijn bediening onder de christenen van Rome. Zijn reis had hem voorbereid. Hij vertrouwde niet meer op eigen kunnen, maar was een overgegeven, beschikbaar instrument om Gods zegen door te geven aan de christenen in Rome. Wij hebben vaak de neiging te vergeten dat Paulus niet alleen een apostel was, maar ook een discipel - onder de discipline en tucht van de Heer.

Langzaam maar zeker - door de jaren heen - heb ik deze les van totale afhankelijkheid geleerd. Ik moet toegeven dat ik geen snelle leerling ben geweest. God heeft verschillende situaties en perioden gebruikt om deze les dieper tot mij door te laten dringen. Ik heb ontdekt dat hoe meer ik mij afhankelijk weet van God, hoe meer Hij me verbaast met de resultaten ervan - resultaten die ik nooit had bereikt zolang ik vertrouwde op mijn eigen inspanningen.

De overgave van Jacob
Jacob is een persoon uit de bijbel die letterlijk een lichamelijke worsteling had om zijn onafhankelijkheid op te geven. Als jonge man was hij sluw, ambitieus en zelfgericht. Hij buitte een moment van zwakheid van zijn broer Esau uit om het eerstgeboorterecht van hem te kopen voor een kop soep. En om vervolgens de vaderlijke zegen te ontvangen (die normaal gesproken samenging met het eerstgeboorterecht) bedroog hij zijn blinde vader Isaäc en deed zichzelf voor als Esau. Maar noch het eerstgeboorterecht, noch de zegen deden Jacob veel goed. Om aan Esau's wraak te ontkomen, vluchtte hij naar Mesopotamië en werd een vluchteling bij zijn oom Laban. Hier bleek opnieuw hoe sluw hij was. Hij trouwde de beide dochters van Laban en verkreeg het grootste deel van zijn vermogen. Toen vertelde de Heer hem dat hij moest terugkeren naar het land van de belofte. Op de terugweg ontmoette hij een mysterieuze vreemdeling die de hele nacht met hem worstelde. Tenslotte sloeg de vreemdeling Jacob op zijn heup (de sterkste spier in zijn lichaam) en Jacob greep zich aan hem vast in hulpeloze afhankelijkheid.

Pas na deze ontmoeting kon Jacob echt terugkeren naar zijn erfenis. Maar de rest van zijn leven liep hij mank - het zichtbare kenmerk van opgegeven onafhankelijkheid. Wie was de vreemdeling die worstelde met Jacob? Eerst wordt hij een Man genoemd. Maar de volgende dag zegt Jacob: ,,Ik heb God gezien''(13). Later zei de profeet Hosea over die ontmoeting: "Hij (Jacob) streed tegen een engel...(‘de Engel', KJV)"(14)
Dus deze ene persoon was ‘een Man', ‘God' en ‘een engel' - dat wil zeggen een boodschapper van God. Er is maar één Mens in het universum die aan deze beschrijving voldoet: een Man, maar ook God, en ook een boodschapper van God. Het is de Persoon die in de geschiedenis van de mensheid geopenbaard werd als Jezus van Nazareth - een Man, God en een boodschapper van God die naar de mensen werd gestuurd. Jacobs bestemming werd uiteindelijk bepaald door deze ontmoeting. Hierna, kreeg hij zijn erfenis terug en werd hij verzoend met zijn broer Esau.

Misschien herkende u iets van uzelf in de ervaring van Jacob. Ook u hebt geworsteld in eigen kracht om de geestelijke erfenis te verkrijgen waarvan u voelt dat God die voor u heeft, maar op de één of andere manier blijft ze buiten uw bereik. Doe wat Jacob deed: geef uzelf restloos over aan de Heer Jezus Christus.

Hier volgt een gebed dat u zou kunnen bidden:
Heer Jezus, ik geloof dat U echt mijn redder bent en dat U een erfenis voor mij heeft.
Maar ik erken dat ik vanuit eigen kracht deze erfenis probeerde te bemachtigen.
Ik bekeer me! Ik bekeer me van mijn onafhankelijkheid en ik geef mezelf zonder iets terug te houden
over aan Uw heerschappij. Vanaf dit moment zal ik alleen maar vertrouwen op Uw genade die voorziet in alles wat nodig is.

Maar bedenk: vanaf nu kan het zijn dat u mank loopt!